Als je de smaak voor het chutney maken te pakken heb kan je allerlei varianten maken, zoals een pruimenchutney met rozemarijn en witte wijnazijn. Een grote zak Reine Victoria pruimen die ik van een vriendin kreeg en de verse abrikozen die ik nog in de koelkast had liggen heb ik verwerkt in een fruitige pruimenchutney met rozemarijn en witte wijnazijn. Tip: wacht enkele weken met het eten van de chutney, zodat de smaak mooi kan rijpen. En gebruik altijd een azijn van de beste kwaliteit. Dit komt de smaak ten goede.

Nodig voor 4 à 5 potjes:

1½ kg pruimen
500 gr verse abrikozen
2 grote uien
250 ml witte wijnazijn
750 gr suiker
1 zakje pectine (marmello)
1 el Keltisch zeezout
2 el geel mosterdzaad
1 rode peper
6 tenen knoflook
6 kruidnagels
3 el verse rozemarijn

Pruimenchutney met rozemarijn en witte wijnazijn

Bereiding:

Bereidingstijd: 20 minuten (+ 2 uur prutteltijd)
Ontpit de pruimen. Snijd de uien in halve ringen en snijd de knoflook in grove plakjes. Doe de pruimen, uien, knoflook, rozemarijn en alle kruiden bij elkaar in een pan met een dikke bodem. Verwarm totdat het vocht uit het fruit komt. Laat het geheel enkele minuten pruttelen. Voeg dan suiker en azijn toe. Voeg de marmello toe wanneer de azijn warm is. Laat de chutney op zacht vuur ongeveer 2 uur pruttelen. Mag iets langer of korter. Af en toe roeren en let goed op dat de chutney niet aan de bodem vast koekt. Laat eventueel het deksel van de pan zodat de chutney nog meer indikt.

Maak de glazen potjes schoon met kokend water en soda. Vul de potjes met hete chutney, schroef het deksel goed vast en zet ze ondersteboven om af te koelen.